1. Er is hier iemand van de politie, en hij heeft wat vragen voor je. Of je onmiddelijk naar huis wil komen.
2. Er staat hier een groepje mensen voor de deur die nog wat van je te goed heeft, kom snel hierheent!
3. Schat kom snel thuis, er is hier een vrouw die beweert dat jullie elkaar kennen... Dat is toch niet zo?
4. Wat ik nou weer in je zak heb gevonden. Wat ben je toch een vreemde jongen.!